Reiki en Wetenschap

Casimir platen

Interview met Dr. Martin Ouwerkerk
Bron Reiki Magazine 1998



Reiki en Wetenschap
Door Rolf Holm
Reiki stelt de westerse onderzoekende geest voor een uitdaging. Veel mensen hebben na de Reiki inwijdingen een eigen theorie opgebouwd over hoe het nu werkt en wat het is. Ieder doet dat op zijn of haar eigen manier, afhankelijk van de visie die men heeft op de wereld.  Dr. Martin Ouwerkerk werkt bij Philips Research op het Natuurkundig Laboratorium en is Reiki master. Het lag voor de hand dat hij het zou gaan onderzoeken. Hoe het technisch-wetenschappelijk mogelijk is dat er door de Reiki energie aan hem ‘gesleuteld was waardoor er een kraantje was opengezet’. Ondanks ingewikkelde begrippen als vacuümfluctuaties, nulpuntstrilling en Casimir-kracht blijft de werking van Reiki voor hem een wonder. Reiki valt niet te begrijpen, zo is zijn conclusie.

Conclusie: ‘Reiki is een uiterst eenvoudige techniek.
Je legt je handen neer en het werkt. En je hoeft er niets van te begrijpen.’

Martin: Voor mijn gevoel ben ik een echte wetenschapper. Mijn vak is: het verrichten van onderzoek op het gebied van de scheikunde. Dit doe ik nu zo’n zestien jaar.
Naast deze
beroepsmatige  bezigheden heb ik een zeer brede interesse.
Astrologie, yoga en science-fiction zijn hobby’s van me.
Ruim vijf jaar geleden kwam ik in contact met Reiki.
Het woord raakte me; ik hoorde of las het steeds vaker en besloot Reiki te gaan doen. Het schokte me dat iemand anders (de Reiki master) iets in mij kon doen veranderen waarna ik Reiki energie kon doorgeven via mijn handen. Het voelde alsof er tijdens de inwijdingen aan mij gesleuteld was waardoor er een kraantje open was gezet.
Sindsdien wil ik dit kunnen verklaren of in ieder geval begrijpen, wat voor een wetenschapper een natuurlijk verlangen is. Beetje bij beetje heb ik voor mijzelf een beeld opgebouwd van hoe het met Reiki zou kunnen zitten (technisch gesproken dan).
Dit beeld wil ik in dit artikel ontvouwen/presenteren.
Of een en ander waar is of wetenschappelijk verantwoord, laat ik in het midden.

Wat is er in de wetenschappelijke literatuur over Reiki gepubliceerd?
Via een online literatuur-search dat ik heb verricht in een aantal medische en paramedische bestanden van wetenschappelijke publicaties, is te vinden dat er twee onderzoeken staan beschreven waarin de werkzaamheid van Reiki wordt onderzocht (zie literatuurref. 1-3). De nadruk in deze onderzoeken ligt in de werkzaamheid van Reiki en niet hoe Reiki nu eigenlijk werkt. Over hoe Reiki werkt en wat het is, is voor zover mij bekend nog niets gepubliceerd in de wetenschappelijke literatuur.

Wat is er in de wetenschappelijke literatuur aan verschijnselen bekend die aan Reiki gerelateerd kunnen worden?
Vacuümfluctuaties
Een bijproduct van de relativiteitstheorie van Einstein zijn de vacuümfluctuaties. Wanneer je alle materie en energieën die er op ons inwerken wegdenkt, dan blijft er in het dan ontstane vacuüm nog een iets over: de fluctuaties van het vacuüm zelf.
Deze fluctuaties zijn overal in het universum aanwezig en werken van alle kanten gelijkmatig op ons in. Het is geen statisch verschijnsel, maar een vorm van energie die gelijkmatig vanuit alle richtingen tot ons komt.

Casimir plates

De Nederlander Hendrik Casimir heeft aangetoond dat deze fluctuaties aanleiding geven tot een kracht, sindsdien bekend als de Casimir-kracht (zie literatuurref. 4).
De vacuümfluctuaties worden door materie gedeeltelijk opgenomen, wat tot gevolg heeft dat twee dicht bij elkaar geplaatste objecten de druk van de vacuümfluctuaties minder voelen daar waar ze elkaar afschermen. Dit leidt tot een netto aantrekkende kracht (zie figuur 1). (Een vergelijking is mogelijk met twee naast elkaar geplaatste windschermen waar de wind van alle kanten op ze af waait. Hoe beter ze de wind tegenhouden, hoe beter ze elkaar afschermen. Netto ontstaat zo een winddruk naar elkaar toe). Hoe dichter objecten bij elkaar geplaatst, zijn hoe sterker de Casimir-kracht werkt. Om meetbaar groot te zijn is een afstand van kleiner dan 1/1000 mm nodig. Het is dus een uiterst subtiele kracht.

Van Reiki wordt gezegd dat het een universele energie is. Het universum is overal om ons heen. De vacuümfluctuaties komen gelijkmatig op ons toe uit het gehele universum. Mogelijk tappen mensen de Reiki energie uit deze vacuümfluctuaties.

Nulpuntsenergie
Een ander verschijnsel is nulpuntsenergie. Deze term vindt zijn oorsprong in het feit dat ook bij de laagst mogelijke temperatuur (het absolute nulpunt, wanneer alle energie uit een ruimte is onttrokken) de gasmoleculen een nulpuntstrilling blijven vertonen. De energie, geassocieerd met deze trilling, heet nulpuntsenergie. Negen jaar geleden heeft een Amerikaan, Harold Puthoff, een artikel gepubliceerd over nulpuntsenergie in Physical Review A, een gerenommeerd natuurkundig tijdschrift (literatuurref. 5). Hij berekende dat de interactie tussen materie en vacuümfluctuaties in het universum een gesloten energiesysteem is: bewegende materie creëert vacuümfluctuaties en uit de vacuümfluctuaties wordt de nulpuntsenergie afgetapt. De interactie tussen materie en vacuümfluctuaties hoeft niet beperkt te blijven tot de nulpuntstrilling. Hoe meer energie kan worden afgetapt uit de vacuümfluctuaties, hoe hogere trillingsniveaus de moleculen kunnen bereiken.
De analogie met Reiki ligt voor mij hierin dat een schier onuitputtelijke zee van energie, de vacuümfluctuaties, als bron fungeert voor het verhogen van de trilling.

De zojuist beschreven verschijnselen geven een mogelijke bron van de Reiki energie aan. Een ander aspect van Reiki is dat het via de handen wordt doorgegeven. Zowel bij de Reiki behandeling zoals onderwezen bij de eerste graad, als bij het Reiki sturen op afstand wordt gebruikgemaakt van de handen. Het contact met de te behandelen persoon wordt gelegd met gebruikmaking van de handen. Hoe komt de Reiki energie uit het universum naar die handen en van die handen naar de ontvanger?

Casimir-kracht dicht onder de handen
Hawayo Takata heeft wel eens de vergelijking met een transistorradio gemaakt.
De Reiki behandelaar kan zich afstemmen op een Reiki zendstation. Hij/zij heeft dit geleerd te doen tijdens de vier inwijdingen van de eerstegraads cursus. Wanneer we uitgaan van de vacuümfluctuaties als Reiki zendstation, dan zou het kunnen zijn dat de opname van energie uit de vacuümfluctuaties beter gaat na de vier inwijdingen. Er wordt uit de zee van energie efficiënter afgetapt dan voorheen. Dit heeft dan ook gevolgen voor het Casimir-effect. Wanneer meer energie wordt opgenomen, dan is de afscherming van de vacuümfluctuaties vollediger. Wanneer de afscherming in één richting beter is dan in de overige, zal de Casimir-kracht toenemen. Stellen we ons voor dat dit zich afspeelt in de handen en dat de afscherming richting handpalm met name toeneemt, dan zal de Casimir-kracht het sterkst voelbaar zijn dicht onder de handen.

Rest de vraag hoe iemand die een Reiki behandeling ondergaat dan baat heeft bij het voelen van zo’n Casimir-kracht.
Wat ik persoonlijk het grootste wonder van Reiki vind is het feit dat het kan worden doorgegeven. Het is van Mikao Usui doorgegeven aan zijn studenten en is via een keten van Reiki masters tot ons gekomen. Bij een Reiki behandeling geven we het door zonder dat we de ontvanger Reiki leren geven en bij een inwijding doen we dit laatste wel.

Wanneer we ervan uitgaan dat vlak onder met Reiki begiftigde handen de Casimir-kracht sterk voelbaar is, dan is het nog maar een kleine stap om aan te nemen dat de onderliggende materie hierdoor leert ook efficiënt energie af te tappen uit de vacuümfluctuaties. Dit is analoog aan het magnetiseren van bijvoorbeeld een nikkelen munt wanneer het vlak bij een magneet wordt gehouden. In reactie op de nabijheid van een magneet wordt het (tijdelijk) ook magnetisch. De mensen met Reiki zijn in deze analogie de permanente magneten en de Reiki ontvangers staan voor de magnetiseerbare materialen, zoals nikkel. Op de een of andere manier wordt tijdens de Reiki inwijdingen dit vermogen permanent verankerd.

Het verschijnsel waarbij een krachtveld aanleiding geeft tot een nieuw krachtveld in een nabij gehouden object, heet inductie. Bij een Reiki behandeling gaat de ontvanger dus meer energie onttrekken aan de vacuümfluctuaties als gevolg van de handoplegging. Hij/zij ontvangt dus niet direct energie van de behandelaar wanneer mijn hypothese juist is.

Reiki niet hetzelfde als magnetiseren
De analogie met magnetisme kan nog een beetje verder worden doorgetrokken.
Vanzelfsprekend wil ik Reiki kunnen meten met in de natuurkunde toegepaste meetapparaten. In de wetenschappelijke literatuur is een artikel gepubliceerd over het meten van Ki (literatuurref. 6). Japanse (!) onderzoekers van de Showa Universiteit zijn erin geslaagd om met een gevoelige magnetometer een effect te meten van de hand van beoefenaren van Qi Gong. Deze mensen was gevraagd om op commando Ki te gaan uitstromen en weer te stoppen. Bij drie van de proefpersonen bleek dit een meetbaar signaal op te leveren. Het gebruikte type magnetometer (zie figuur 3) meet fluctuaties in het magnetisch veld.

Enthousiast liet ik een vergelijkbare magnetometer construeren. Dat dit kon is een van de voordelen van mijn werk op het Natuurkundig Laboratorium van Philips Research. Hoewel het apparaat zeer gevoelig was voor magnetische signalen, kon ik er niets significants mee meten toen ik mijn hand ervoor hield. Ook het uitblijven van een effect is een wetenschappelijk resultaat, zal ik maar zeggen.

Waarschijnlijk werkt Reiki anders dan Qi Gong. Of het toont aan dat Reiki niet hetzelfde is als magnetiseren.

Er blijven natuurlijk nog vragen genoeg over. Hoe werkt het Reiki sturen op afstand? Wat is  een natuurkundige verklaring van de werking van de symbolen? Enzovoort.
Vanzelfsprekend is alles wat in dit artikel beschreven staat, ook slechts een hypothese totdat een en ander gemeten dan wel bewezen kan worden. Zo gaat dat in de natuurkunde.

In de tussentijd kan ik me troosten met de geruststellende gedachte dat Reiki een uiterst eenvoudige techniek is. Je legt je handen neer en het werkt. En je hoeft er niets van te begrijpen.
Martin Ouwerkerk, Reiki master.

Literatuurreferenties
1. D.P. Wirth, e.a., ‘Hematological indicators of complementary healing intervention’, in: Complementary Therapies in Medicine, 4 (1996), blz. 14-20.

2. D.P. Wirth en M.J. Barrett, ‘Complementary healing therapies’, in: International Journal of Psychosomatics, 41 (1994), blz. 61-67.

3. M.J. Schlitz en W.G. Braud, ‘Reiki-plus natural healing: An ethnographic/experimental study’, in: PSI Research, 4 (1985), blz. 100-123.

4. H.B.G. Casimir, ‘On the attraction between two perfectly conducting plates’, in: Kon. Ned. Akad. Wet., 51 (1948), blz. 793.

5. H.E. Puthoff, ‘Source of vacuum electromagnetic zero-point energy’, in: Physical Review A, 40 (1989), blz. 4857-4862.

6. Seto, Akira, e.a. (Showa Univ.), ‘Detection of extraordinary large bio-magnetic field strength from human hand during external QI emission’, in: Acupuncture &

Electro-therapeutics Research, 17 (1992), blz. 75-94.

*  Dr. Martin Ouwerkerk is werkzaam als wetenschapper bij ‘Philips Research Laboratories’ (het zogenaamde Natlab) te Eindhoven.